9. feb, 2016

Lichaamsvreemd en lichaamseigen

Vandaag is een mooie dag, gewoon omdat de wind waait en het lekker fris is. Soms is het zo fijn om buiten te lopen en de wind langs je heen te voelen. Lopen doet vandaag pijn. Ik heb mijn remmers voor de cortisol gekregen en ik merk dat die werken. De tumor in mijn hypofyse die door de operatie een optater had gekregen, maar niet weggehaald kon worden, is weer actief. Gelukkig kan ik nu wel aan de remmers zodat mijn lichaam niet meteen weer helemaal aftakelt.

10 jaar eerder.....

Mijn zoon stop ik met koorts in bed. Zelf ben ik net aan genezen van een zware griep. Hij heeft ook buikpijn gaf hij aan. Ik vermoed dat hij nu de klos is. Als baby zijnde had hij reflux, spugen ging hem makkelijk en snel af.... ik zet een emmer bij zijn bedje, mocht ik hem horen dan ben ik zo bij hem met de emmer.

Ik ga naast hem liggen. Hij kan alleen inslapen als ik bij hem lig en hij met zijn vingers in mijn haar kan aaien. Meestal doe ik dan ook een dutje van een halfuurtje. Zachtjes sta ik op na drie kwartier. Hij slaapt. Nog geen twee uur later hoor ik hem huilen en mama roepen. Ik loop de trap af naar hem toe. Ik zie aan zijn lichaampje dat hij wil gaan overgeven. Ik zie ook zijn radeloze oogjes. Het schiet door me heen dat hij geen idee heeft wat er aan de hand is. Ik pak snel de emmer, houdt het onder zijn kin en zeg tegen hem dat hij zijn mond alleen maar hoeft open te doen en dat er dan spuug komt, maar dat dat niet erg is. Hij doet wat ik zeg en begint te spugen. Even doet hij van schrik zijn mond dicht en daardoor komt het door zijn neus. Paniek schiet door hem heen. Ik zeg hem rustig zijn mond weer open te doen. Als hij uitgespuugd is, veeg ik zijn neus af en haal wat water voor hem. Ik houd hem op schoot dicht tegen me aan.

Na een tijdje vertel ik dat dit overgeven heet. Ik leg hem uit dat als je pijn in je buik hebt en je een vreemd gevoel krijgt naar je keel toe, dat dit misselijk zijn is. Dat je dan weleens moet spugen en dan moet je je mond open doen zodat het eruit kan. Ik stel hem gerust dat dit niet erg is, dit hoort erbij als je buik een beetje ziek is. Zo gaan de zieke cellen je lichaam uit.

 

Hij is moe en ik hoor dat zijn keel rauw is als hij tegen mij zegt dat hij moe is. Ik stop hem onder de dekens en aai zijn bol. Ik zeg hem niet dat het vannacht misschien nog een keer kan gebeuren. Dan zou hij onrustig worden en niet weten of en wanneer het weer komt. Als hij weer gaat spugen, zal ik bij hem zijn en dan weet hij wat er gebeurt.