15. sep, 2018

Uit de parkeerstand

Een antwoord dat je niet wilt horen, maar duizend gedachten in een simpel weten stampt. Het is nu eenmaal zo. Geen maatje 40 meer voor mij, geen strakke spijkerbroeken, niet meer wat het ooit was. Ik slik mijn tranen weg en voel ergens diep in mij een serene rust borrelen. Ik hoef niet meer te hopen en uit te leggen. Te wachten en mezelf te parkeren. Ik blijf zoals ik nu ben. Geen excuus meer. Geen woorden dat het later beter wordt, ik mag zijn zoals ik nu ben. Het hoge woord is eruit, ik kan weer gaan leven en mezelf worden.

Het klinkt vreemd, maar ik parkeerde mezelf toen ik moeder werd en mijn wereld werd opgeslokt door mijn eerst geborene en daarna door mijn tweede kind. Er was simpelweg geen ruimte meer om mezelf te zijn. Ieder minuut ging op aan het verzorgen van mijn kinderen, zorgen om mijn kinderen, het genieten van hen en het denken aan alle mogelijke dingen die ik nog moest doen. Hetzelfde overkwam mij na mijn derde operatie. Ik was beter. De Cushing zou langzaam mijn lichaam verlaten en ik zou weer Linda worden. Geen ziek persoon meer. Het eerste jaar was zwaar. Ik moest wennen aan mijn leven met medicijnen en ongemakken die de Cushing voor mij had achter gelaten en die ook niet meer zouden verdwijnen. Ook de bijwerkingen van de medicijnen kreeg ik cadeau naast de hormonale wisselingen die niet allemaal door de medicijnen in het gareel waren te houden. Ik viel gelukkig nog heel veel af van de kilo’s die er tijdens mijn Cushingtijd in no time waren aangekomen. Maar dan nog waren er erg veel kilo’s nog over. Ik bleef voor mezelf in een tussenfase hangen. Ik was nog steeds herstellende.

De woorden van de plastische chirurg overdonderde mij. Ik was te zwaar en daardoor te risicovol om te opereren. En de kilo’s zouden niet meer weggaan, dat wist ikzelf ook wel. Hij prees mij gelukkig dat ik al zoveel kwijt was, “Dat was niet gebruikelijk voor een Cushing- patiënt”. Snel kwamen zijn woorden binnen en vielen op hun plek. Tranen plengden en droogden net zo snel weer op. De opluchting overmeesterde mijn in rap tempo en ik voelde me herboren. Ik mag weer gaan leven, uit de parkeerstand. Ik mag accepteren wie ik nu ben, mijn lichaam is van mij dit is wat het is.

Het leek op een soort startschot wat de plastische chirurg gaf. Net als destijds toen ik mijn kleine kinderen groot mocht zien en er naast mijn moederrol weer plaats kwam voor mij, smolt ook nu de muur weg die ik om mijzelf had heen gebouwd. Ik keek de wereld in met andere ogen, ik keek naar mij en zag mezelf staan. Ik kon niet meer om mij heen, ik ben er weer.