7. mrt, 2020

Tekst

Een mes snijdt langzaam door het zachte vlees.
Het bloed vindt haar weg naar buiten,
het druppelt tot het gutst
en het vloeit rijkelijk over de tafel
naar beneden.
Ze voelt het niet meer.
Weg is haar vrees.
Weg het heden.

Ze boent de tafel met kracht.
Het roodgekleurde water lacht
een trage glimlach.
Ze had te lang gewacht.
Nu staat ze kiet met het verleden.

Bloemen in het wit.
Haar huid licht.
Haar morgen is haar ontnomen
door haar eigen daad.
De kist is dicht.