7. mei, 2020

Afgunst

Je wilt het wel voor haar,
maar ook voor jezelf.
Je bent blij voor hem,
maar eigenlijk maar voor de helft.
Je geniet mee met hun aanwinst,
maar het hen gunnen, doe je allerminst.

En toch,
probeer je zonder afgunst en jaloezie te leven, wil je echt in alles wat een ander krijgt in blijheid mee beleven.
Toch blijft daar vaak een klein gevoel dat knaagt en om aandacht vraagt.
Je onderzoekt het een enkele keer, maar je komt niet veel verder en het is er weer in volle glorie de volgende keer.

Je bent blij met jezelf, toch?
Je bent tevreden met hoe je leeft, toch?
Je hebt weinig om te vragen en toch
is daar dat gevoel in je kielzog.
Ben ik dan niet goed genoeg? Waar zit toch dat vlijmscherpe mes dat ik in mezelf zet.

Waarom blijft het en waar ligt het aan dat ik er niet van word gered?
En zo golft het door, af en toe met een grote schuimkop en af en toe afwezig. Maar ik vermoed dat het gevoel blijft en in vele levens is ingelijfd.