5. jun, 2020

Tekst

Alsof ik zwem in teer, door koude handen weggelegd.
Ik besta niet meer.

Overeind getrokken, in vreemde handen mijn weg gevonden, het deed nog zo zeer.

Een vlakke hand rakelings langs mij heen. Opzij de zoete lucht in, rennend met benen vrij van zorgen, voel ik mijn armen om mij heen.