7. jun, 2020

Tekst

We zijn ons aan het oriënteren op een nieuwe woonkamer. Compleet met meubels, vloer en een andere kleur verf aan de muren. We willen pas in januari alles in gang zetten, dus het is echt rondkijken.

Ik word daar zenuwachtig van. Wat ik zie, wil ik kopen. Ik raak overenthousiast en het praktisch nadenken, dat wordt bij mij dan uitgeschakeld. Dus het is leuk om te doen, dit oriënteren, maar het geeft mij ook frustratiegevoelens.

Een vriendin van mij heeft kijk op het inrichten en weet van kleur en verschillende stijlen, dus we hebben met haar al zitten brainstormen. We kwamen op een kleur groen en wit als basis, met hout en zwart om mee te combineren.

Stappen Bart en ik vandaag toch een winkel binnen die alles heeft in onze stijl en kleuren! Kwijlend rende ik van het ene leuke meubelstuk naar het andere, met Bart in mijn kielzog. Ik wilde alles en wel nu. De verkoper zag zijn kans en bood meteen kortingen aan, zonder Bart had ik alles al gekocht.

Maar gelukkig had ik mijn lieve rem bij me, we liepen zonder iets te kopen de winkel uit. Ik stond in de rij bij de Praxis nog steeds te popelen. Eerst maar weer terug naar die winkel met mijn vriendin en de kleurstalen om daar even rond te neuzen. Ik merk dat ik kaders nodig heb, alle leuke meubelstukken en accessoires moeten door een trechter, zodat er een overzichtelijk en samenhangend geheel uitkomt. Precies dat wat in de woonkamer bij elkaar past. Dan zal het weer rustig worden in mijn hoofd.

Maar eerst nog een halfjaar wachten...