2. aug, 2020

Tekst

Het prikt in haar rug,
ze neemt een grote stap,
maar niet te vlug.
Het moet niet lijken alsof ze vlucht.

Ze neemt de prikkende ogen mee
het vliegtuig in overzee.
In welk land ze ook uitstapt,
ze voelt altijd vlijmscherpe ogen
in haar rug.

Ze neemt ze soms niet serieus,
dan lijkt het als ze erover grapt,
maar haar hoon vertrapt haar hart,
dat weet ze heus.

Ze kan het prikken niet negeren, altijd voelt zij zich bekeken,
gewogen en afgekeurd.
Ze laat zichzelf keer op keer bezeren doordat ze altijd denkt dat het gebeurt.