1. sep, 2020

Tekst

Zomaar ineens
waren er twee handen,
twee armen.
Zomaar ineens
waren er twee oren,
twee ogen.
Zomaar ineens
zonder te vragen,
waren ze er voor mij.
In enkele ogenblikken
kwam er een eind
en een nieuw begin.
Ongevraagd, maar zo welkom.
Een intens welbehagen,
een brutaal vleierij,
overladen met alle zin
van de wereld,
stond daar het leven
te bulderen van het lachen.
Ze zei enkel kom,
kom bij ons zij aan zij,
je hoort jezelf toe
en hier mag je ontdekken hoe.
In vrijheid,
maar vooral veilig,
kom je hier tot leven en jezelf.
Hier wordt lijden, leidt.