24. nov, 2020

Nu is mooi

Toen ik net mamma was, wist ik niet goed wat ik moest doen. Je huilde, maar je luier was schoon. Melk had je net gehad en knuffelen, wilde je niet. Ik raakte in paniek.

De kraamverzorgster was de laatste dag geweest en we wisten niet wat we moesten doen. Niemand om ons heen had nog kinderen, zijn ouders woonden ver weg en ik had er geen. Dus ten einde raad belden we de kraamverzorgster.

Ze kwam, om 23 uur in de avond en legde haar weer bij me aan. Daarna viel ze tevreden in haar wiegje weer in slaap. Geen van ons had bedacht om haar nog eens aan te leggen, ze had toch net gehad?

Er kwamen nog veel van dit soort momenten. We belden de kraamverzorgster niet meer. We puzzelden en kwamen eruit. We leerden haar door en door kennen.

Toch bleef het moeilijk voor mij. Ik voelde me leeg, verdrietig en eenzaam en de verantwoording voelde heel zwaar. De wereld was ineens zo anders, ik moest zoveel andere dingen doen waarvan ik voor haar geboorte niets afwist. Mijn wereld werd klein en tegelijkertijd te groot. Ik voelde me moeder en ik voelde me bang.

Later ontdekte ik waarom dat was, maar op dat moment voelde ik me tekortschieten. Er werd te veel van mij gevraagd, waarom kon ik niet vrolijk lachend mijn taken doen? Zoals andere moeders die ik zag in de straat, in de winkels, bij het consultatiebureau?

Later begreep ik dit, maar later was toen niet. Toen was zo intens verdrietig, eng en moeilijk. Als ik toen de kennis en het vertrouwen van nu had... maar het was anders. En juist omdat het was zoals het was, is nu zo mooi.